Financieren, ontwikkelen, exploiteren en verduurzamen van vastgoed

Wat wordt verstaan onder utiliteit en utiliteitsbouw?

Utiliteitsbouw betreft de bouw van alle bouwwerken die geen woonbestemming hebben.

Utiliteit is afgeleid van het Engelse woord ‘ utility’ , wat in het Nederlands ‘ nut’ of ‘ bruikbaar’ betekent.

Het betreft bijvoorbeeld bouwwerken die de volgende functies krijgen:

  • Kantoor
  • Onderwijs (scholen, universiteiten en opleidingscentra)
  • Publieke functies (bibliotheken, stadhuizen en vergadercentra )
  • Gezondheidszorg (ziekenhuizen, verpleeghuizen en verzorgingshuizen)
  • Logistieke gebouwen (distributiecentra)
  • Horeca en logies( hotels, pensions, cafés en restaurants )
  • Sport (sporthallen, stadions en zwembaden)
  • Detail- en groothandel (winkels, supermarkten, warenhuizen en showrooms)
  • Agrarische gebouwen

Per jaar wordt er in Nederland zo’n 17 miljard euro geïnvesteerd in utiliteitsbouw. Dit betreft zo’n 35% van de totale bouwproductie. De verdeling tussen nieuwbouw en renovaties in de utiliteitsbouw betreft beide 50%.

Naast utiliteitsbouw kent de bouw bijvoorbeeld de stromingen woningbouw en grond- water en wegenbouw.